08 maart 2026

Photographie Pelgrom, Gorinchem

CdV Photographie Pelgrom, Gorinchem
“Het verleden wijkt terug in nevels en is alleen te interpreteren vanuit een heden dat ik evenmin in zijn ware gedaante kan zien.”
Sleuteloog, Hella S. Haasse 
We hebben hier een formeel, ingetogen portret van een jong persoon, zoals dat rond 1870–1890 gebruikelijk was. De figuur is centraal geplaatst, tegen een rustige, neutrale achtergrond die geleidelijk vervaagt. De onderste helft van het lichaam loopt zacht over in die achtergrond, een typisch effect van lange belichtingstijden en retouche in die periode. Onder de foto staat de naam van de fotostudio: Photographie Pelgrom, Gorinchem. De achterkant van de CdV is blanco.

Meer informatie over Photographie Pelgrom is te vinden in het artikel ‘Gorinchemse fotografen’ op de site Streekgeschiedenis Alblasserwaard. Op die site lijkt men er overigens van uit te gaan dat ‘Photographie Pelgrom’ en ‘W. Pelgrom’ verwijzen naar één en dezelfde fotograaf, maar sluitende onderbouwing daarvoor heb ik online nog niet kunnen vinden.

07 maart 2026

Tisjeboy

Tisjeboy Jay, Musiater Zevenaar, maart 2026
Jay Francis, Musiater Zevenaar, 7 maart 2026. 
Toffe show, zegt iemand die ’m niet kende. Slechte foto, maar we hebben geen betere.

05 maart 2026

Kinowerk Carli: Karina’s Zelfopoffering

H.H. Bioscoop-exploitanten ! 
Verzuimt niet deze film te boeken !
Een SUCCES-FILM!
„En dat is de hoofdzaak”

Karina’s Zelfopoffering (Pengorbanan Karina; 1932) werd geregisseerd door Phillip ‘Flip’ Carli, die zijn carrière begon als documentairemaker en twee jaar eerder zijn speelfilmdebuut had gemaakt met De Stem des Bloeds. De hoofdrol werd vertolkt door zijn vrouw, Annie Krohn. De productie lag in handen van Carli’s in Bandung gevestigde bedrijf, Kinowerk Carli.

Van de film wordt aangenomen dat hij verloren is gegaan. De Amerikaanse visueel antropoloog Karl G. Heider stelt dat alle Indonesische films van vóór 1950 als verloren moeten worden beschouwd (bron). Toch vermeldt JB Kristanto in zijn Katalog Film Indonesia dat een aantal titels bewaard is gebleven in de archieven van Sinematek Indonesia.

De recensies waren niet allemaal even mals (zie het voorbeeld hieronder), maar in die bespreking wordt terloops en enigszins denigrerend opgemerkt dat het publiek hoorbaar enthousiast was. Wat dat betreft is er weinig veranderd.

Het nieuws van den dag voor Nederlandsch-Indië, 07-06-1932:

„Karina's Zelfopoffering”
in het Kramat-theater

Karina's Zelfopoffering wordt aangekondigd als „het groote Inheemsche filmwerk”. Nu is grootheid een betrekkelijk begrip, en wij kunnen ons met de qualificatie vereenigen, indien zy een vergelijking bedoelt te zyn met vorige Inheemsche films. 
Er zyn passages in Karina's Zelfopoffering welke cinematografisch beter zijn dan hetgeen wij tot heden van de Indische filmindustrie gewend waren. Vooral eenige close ups zyn geslaagd te noemen, hoewel b.v. de horizontale verfilming van de Spaansche dans geen „vinding” is. Maar het effect is daarom niet minder aardig. 
Over het algemeen echter is de film te arm aan licht. Dit is te verklaren door het feit dat men, ook by de studio-opnamen, werkte met de gewone meubels en kamer-aankleedingen, terwyl de mooie effecten op de film verkregen worden door de kleurcontrasten zwart en wit. 
Ook laat het decor geen ruimte voor de fantasie van de toeschouwers. Zoo is het interieur van de woning van den rijken land-eigenaar en rampokker wel wat al te Inheemsch burgerlijk, hetgeen vooral in het oog loopt, wanneer de „Prins” van het verhaal er ontvangen wordt op een feestavondje. 
Het verhaal van de film is uiterst onwaarschijnlijk en men zou het kunnen beschouwen als „een idealisatie van de Indianisatie”. Want een Europeesche Prins, die tydens zyn bezoek aan Indië rondwandelt in een soort statiecostuum, wordt op het eerste gezicht verliefd op een Inheemsch meisje, waarmede hy ten slotte trouwt! 
Het spel is vaak zenuwachtig-gejaagd, terwyl geen der acteurs er in geslaagd is een actie te creëren voor zijn rol, die zijn spel als eenling boeiend maakt. 
Onder een zeer strenge regie zou het spel van Annie Krohn op een hooger peil te brengen zyn, terwyl ook Jean de la Motte nog menigmaal de boosheid van een filmregisseur zal moeten verduren, om eenige wat al te goedkoope gebaren in betere te herscheppen. 
Dankbare typen zijn de Inheemsche Wat en Half Wat, en de vervaardiger heeft van het bestaan van deze menschen dankbaar gebruik gemaakt om leven in de film te brengen. 
Het streven om hier in Indië een filmindustrie te scheppen, juichen wij toe. Wij hopen dat „Kinowerk Carli” by het Inheemsche publiek met Karina's Zelfopoffering succes heeft, want er wordt dan, verwachten wij, een basis gelegd voor betere films. 
Bij de voorstelling van gisteren-avond, was het Kramat-theater goed bezet en het publiek gaf luide uiting aan zyn stemmingen, welke gunstig ten opzichte van de film waren. 
En dit moet voor den heer Carli een groote voldoening geweest zyn, want hij heeft per saldo deze film voor het Inheemsche publiek gemaakt.

Een leuke bijvangst bij het onderzoek voor dit artikel is een tekening van een achter-achterkleinzoon van Phillip Carli. De tekening is duidelijk gebaseerd op de foto op de filmposter. De Instagram-handle van de maker is julius__carli.

Hipstamatic: Søren KG + Etosha 1907

Architectuur, Zevenaar
Turmac Cultuurfabriek
Panelen 'De onzichtbare werkelijkheid van zeldzame aandoeningen', Radboudumc, Nijmegen
Panelen 'De onzichtbare werkelijkheid van zeldzame aandoeningen', Radboudumc, Nijmegen
Kwas chlebowy Słowiańska Dusza
Foto 3 en 4: Tentoonstelling in het kader van Undiagnosed Day: portretten van (jonge) patiënten die tot op heden nog geen diagnose gekregen hebben. Te zien tot en met 29 april 2026 in het Radboudumc in Nijmegen.

Screenshot Hipstamatic-instellingen Søren KG + Etosha 1907

04 maart 2026

Niklas & Koinski uit Chicago

Kabinetfoto, Niklas & Koinski, Chicago
We zien een kabinetfoto van Niklas & Koinski uit Chicago. Het beeld toont een geposeerd studioportret van een man in nette kleding, waarschijnlijk bedoeld als representatief visitekaartje voor familie of zakelijke relaties. De foto is gedrukt op een drager met de opdruk van de fotostudio, wat kenmerkend is voor een kabinetfoto. Wat opvalt, is dat de drager niet van stevig karton is maar van slap papier, wat mogelijk de schade verklaart.

De naam van deze fotostudio duikt vooral op op antiek­markten en veiling­sites waar foto’s van dezelfde studio worden aangeboden. Beide adressen zijn bekend: 589 Milwaukee Ave., Chicago, en 8727 Commercial Ave., South Chicago. De foto’s die online worden aangeboden en aan deze studio worden toegeschreven, worden meestal gedateerd rond 1880–1900.

Hoewel er online geen officiële bedrijfsregistratie te vinden is, wijzen de beschikbare aanwijzingen op een door immigranten gerunde fotostudio, waarschijnlijk geleid door fotografen van Oost-Europese of Duitse afkomst. De naam Koinski is van Poolse/Joodse herkomst; Niklas komt veel voor in Duitsland en Scandinavië.

Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026

Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat
Turmac Cultuurfabriek Zevenaar 
3 maart 2026 
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026

28 februari 2026

Een vondeling in Papoealand, A. Zaaier

Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand, A. Zaaier (pseudoniem van Albert J. de Neef). Dit verhaal over Nieuw-Guinea is voorzien van tekeningen van de schrijver zelf. Het werk is opgenomen in de collectie van Stichting Papua Erfgoed.
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (omslag)

Voortschrijdend inzicht

Kerkzaal van de Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland, Ambachtstraat 3, 3512 ER Utrecht
Enige tijd geleden zag ik de naam van mijn overgrootvader Adrianus Potuijt (ook wel gespeld als Potuyt) langskomen in een artikel over de Vrije Oud Gereformeerde Gemeente en het kerkgebouw van die gemeente aan de Ambachtstraat in Utrecht. Ik was al eens op zoek gegaan naar sporen van deze man – bij ons thuis hing zijn foto aan de muur – maar dit gegeven kende ik nog niet. De hoogste tijd dus om eens een kijkje te nemen bij dit kerkzaaltje, dat nog altijd dezelfde functie vervult. Veel dichterbij zal ik waarschijnlijk niet meer komen.
Bordje bij het godshuis van de oud gereformeerde gemeente in Nederland, Ambachtstraat, Utrecht

21 februari 2026

Album 1938–1943 – Restmateriaal

Album 1938–1943 – Restmateriaal

Tijdens het onderzoek naar de personen achter ons fotoalbum is er behoorlijk wat materiaal boven water gekomen dat eigenlijk nergens goed bij past. Om dit toch een plaats te geven, en om het later eenvoudig terug te kunnen vinden, is deze blogpost bedoeld voor divers restmateriaal.

Om te beginnen heeft het enige tijd gekost om een foto van ds. Joh. de Boer te achterhalen, maar uiteindelijk is dat gelukt via gereformeerdekerken.info, in het artikel Het kleine gereformeerde kerkje van Piershil. De bron van de foto wordt daar niet vermeld, maar gezien het zichtbare raster gaat het vermoedelijk om een scan van een afbeelding die ooit in een krant of tijdschrift is gepubliceerd.
Dominee Johannes de Boer

Het volgende tekstfragment is afkomstig uit de pdf OVERZICHT VAN PREDIKANTEN DIE JODEN HIELPEN, Kornelis Hamming, gevonden op nazatendevries.nl.
Screenshot van alinea uit de pdf ' OVERZICHT VAN PREDIKANTEN DIE JODEN HIELPEN, Kornelis Hamming'
Voor ons eigen gezin (= gezin van ds. Johannes de Boer (1899-1984), predikant te Zuid-Beijerland: 1931-1947) zijn ds. en mevr. Hamming redders in nood geweest, toen de bezetters ons dorp gingen inunderen om ons tegen een Engelse invasie te beschermen: ”Kom maar naar Oud-Beijerland” – en zo reden op donderdag 24 februari 1944 drie boerenwagens met al ons huisraad en heel ons gezin (zeven jonge kinderen!) naar dat “Zoar” (= plaats waarheen Lot met zijn beide dochters vluchtte na de ondergang van Sodom en Gomorra, Genesis 19: 20-22) bij de familie Hamming. Een gezegend toevluchtsoord. Onvergetelijk. Daar zijn we wel zeer bijzonder huisvrienden geworden, tevens ‘oom en tante’ van de kindertjes daar: eerst twee, maar de derde werd verwacht. Toch was voor ons ook plaats. Hammings gezin in de achterkamer, wij in de voorkamer, een Duits officier in de tussenkamer. Op de studeerkamer boven zat dan nog vaak met ons dominees een heer uit Amsterdam, Joods onderduiker, die administratief voor de kerk bezig was en o.a. ook mijn maandbrief aan de verstrooide Zuid-Beijerlandse gereformeerden vermenigvuldigde”
Lit.: Joh. de Boer, In memoriam Ds. Ite Hamming, in: Jaarboek 1976 GKN, 522.

Dit fragment is interessant omdat hier sprake is van zeven kinderen. Op de site Stamboom De Ruig worden bij Johannes de Boer en Elisabeth de Ruig zes kinderen vermeld; van slechts twee van hen wordt bovendien de naam genoemd. Dit verschil roept vragen op over de volledigheid van de online stamboomgegevens.

Voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog verzorgde ds. Joh. de Boer geregeld bijbel­lezingen op de nationale radio, bijvoorbeeld bij de N.C.R.V. Zijn naam is dan ook veelvuldig terug te vinden in bladen als Vrije Geluiden, het ‘orgaan van den Vrijzinnig Protestantschen Radio Omroep’.

Na de oorlog en zijn verhuizing van Zuid-Beijerland naar Amsterdam werd hij actief in de redactie van de Amsterdamsche kerkbode, het officiële orgaan van de Gereformeerde Kerken in Nederland in Amsterdam. Het blad publiceerde mededelingen, kerkdiensten en artikelen voor de gereformeerde gemeenten. Het stond in de traditie van de Doleantie, de kerkelijke beweging onder leiding van Abraham Kuyper die zich afscheidde van de Nederlandse Hervormde Kerk.
Amsterdamsche kerkbode - officieel orgaan van de Nederduitsche Gereformeerde Kerk (doleerende)

We hadden al gelezen dat ds. Joh. de Boer in 1968, dus na zijn emeritaat op 1 januari 1964, promoveerde tot doctor in de godgeleerdheid aan de Theologische Akademie uitgaande van de Johannes Calvijnstichting te Kampen. Zijn proefschrift, De verzegeling met de Heilige Geest volgens de opvatting van de Nadere Reformatie, is nog antiquarisch verkrijgbaar.

Het is voor buitenstaanders wellicht verrassend te ontdekken dat deze materie ook in recentere tijd nog wordt besproken, bijvoorbeeld op refoforum.nl.
De verzegeling met de Heilige Geest volgens de opvatting van de Nadere Reformatie, J. de Boer.

Zie ook De ouverture van de filosofie (karlbarth.nl) over ontmoetingen met Theo de Boer, zoon van ds. Joh. de Boer.
  

In dagblad Trouw van 22 december 1984 vinden we een overlijdensbericht van Johannes de Boer, met de namen van de directe familieleden. Uit dit bericht kunnen we opmaken dat dochter Elbertha Johanna, mogelijk de oorspronkelijke eigenaar van ons fotoalbum, de roepnaam Elly gebruikte.
Overlijdensbericht Johannes de Boer, Trouw, 22-12-1984

Op dat moment is zij getrouwd met Gerhard Wilcken, een Duitse architect die niet onbekend is gebleven; over hem is onder meer informatie te vinden in diverse publicaties en online bronnen. Volgens een stamboom op MyHeritage dateert het huwelijk uit 1964, zodat mogelijk sprake is van een tweede huwelijk. 

Elly de Boer is verder nauwelijks in openbare bronnen terug te vinden. Vooralsnog heb ik besloten dit spoor niet verder te onderzoeken.


Tot slot is in het Zeeuws Archief, Beeldbank Schouwen-Duiveland, nog een foto te vinden van de echtgenote van ds. Joh. de Boer, genomen in Brouwershaven in 1929. Zittend, derde van links: mevr. De Boer. Een mooie foto die een waardige afsluiting vormt van deze gefragmenteerde verzameling vondsten.