04 maart 2026

Niklas & Koinski uit Chicago

Kabinetfoto, Niklas & Koinski, Chicago
We zien een kabinetfoto van Niklas & Koinski uit Chicago. Het beeld toont een geposeerd studioportret van een man in nette kleding, waarschijnlijk bedoeld als representatief visitekaartje voor familie of zakelijke relaties. De foto is gedrukt op een drager met de opdruk van de fotostudio, wat kenmerkend is voor een kabinetfoto. Wat opvalt, is dat de drager niet van stevig karton is maar van slap papier, wat mogelijk de schade verklaart.

De naam van deze fotostudio duikt vooral op op antiek­markten en veiling­sites waar foto’s van dezelfde studio worden aangeboden. Beide adressen zijn bekend: 589 Milwaukee Ave., Chicago, en 8727 Commercial Ave., South Chicago. De foto’s die online worden aangeboden en aan deze studio worden toegeschreven, worden meestal gedateerd rond 1880–1900.

Hoewel er online geen officiĆ«le bedrijfsregistratie te vinden is, wijzen de beschikbare aanwijzingen op een door immigranten gerunde fotostudio, waarschijnlijk geleid door fotografen van Oost-Europese of Duitse afkomst. De naam Koinski is van Poolse/Joodse herkomst; Niklas komt veel voor in Duitsland en ScandinaviĆ«.

Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026

Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat
Turmac Cultuurfabriek Zevenaar 
3 maart 2026 
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026
Het Grote Liemerse Verkiezingsdebat 2026

28 februari 2026

Een vondeling in Papoealand, A. Zaaier

Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand, A. Zaaier (pseudoniem van Albert J. de Neef). Dit verhaal over Nieuw-Guinea is voorzien van tekeningen van de schrijver zelf. Het werk is opgenomen in de collectie van Stichting Papua Erfgoed.
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (illustratie)
Een vondeling in Papoealand - A. Zaaier (omslag)

Voortschrijdend inzicht

Kerkzaal van de Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland, Ambachtstraat 3, 3512 ER Utrecht
Enige tijd geleden zag ik de naam van mijn overgrootvader Adrianus Potuijt (ook wel gespeld als Potuyt) langskomen in een artikel over de Vrije Oud Gereformeerde Gemeente en het kerkgebouw van die gemeente aan de Ambachtstraat in Utrecht. Ik was al eens op zoek gegaan naar sporen van deze man – bij ons thuis hing zijn foto aan de muur – maar dit gegeven kende ik nog niet. De hoogste tijd dus om eens een kijkje te nemen bij dit kerkzaaltje, dat nog altijd dezelfde functie vervult. Veel dichterbij zal ik waarschijnlijk niet meer komen.
Bordje bij het godshuis van de oud gereformeerde gemeente in Nederland, Ambachtstraat, Utrecht

21 februari 2026

Album 1938–1943 – Restmateriaal

Album 1938–1943 – Restmateriaal

Tijdens het onderzoek naar de personen achter ons fotoalbum is er behoorlijk wat materiaal boven water gekomen dat eigenlijk nergens goed bij past. Om dit toch een plaats te geven, en om het later eenvoudig terug te kunnen vinden, is deze blogpost bedoeld voor divers restmateriaal.

Om te beginnen heeft het enige tijd gekost om een foto van ds. Joh. de Boer te achterhalen, maar uiteindelijk is dat gelukt via gereformeerdekerken.info, in het artikel Het kleine gereformeerde kerkje van Piershil. De bron van de foto wordt daar niet vermeld, maar gezien het zichtbare raster gaat het vermoedelijk om een scan van een afbeelding die ooit in een krant of tijdschrift is gepubliceerd.
Dominee Johannes de Boer

Het volgende tekstfragment is afkomstig uit de pdf OVERZICHT VAN PREDIKANTEN DIE JODEN HIELPEN, Kornelis Hamming, gevonden op nazatendevries.nl.
Screenshot van alinea uit de pdf ' OVERZICHT VAN PREDIKANTEN DIE JODEN HIELPEN, Kornelis Hamming'
Voor ons eigen gezin (= gezin van ds. Johannes de Boer (1899-1984), predikant te Zuid-Beijerland: 1931-1947) zijn ds. en mevr. Hamming redders in nood geweest, toen de bezetters ons dorp gingen inunderen om ons tegen een Engelse invasie te beschermen: ”Kom maar naar Oud-Beijerland” – en zo reden op donderdag 24 februari 1944 drie boerenwagens met al ons huisraad en heel ons gezin (zeven jonge kinderen!) naar dat “Zoar” (= plaats waarheen Lot met zijn beide dochters vluchtte na de ondergang van Sodom en Gomorra, Genesis 19: 20-22) bij de familie Hamming. Een gezegend toevluchtsoord. Onvergetelijk. Daar zijn we wel zeer bijzonder huisvrienden geworden, tevens ‘oom en tante’ van de kindertjes daar: eerst twee, maar de derde werd verwacht. Toch was voor ons ook plaats. Hammings gezin in de achterkamer, wij in de voorkamer, een Duits officier in de tussenkamer. Op de studeerkamer boven zat dan nog vaak met ons dominees een heer uit Amsterdam, Joods onderduiker, die administratief voor de kerk bezig was en o.a. ook mijn maandbrief aan de verstrooide Zuid-Beijerlandse gereformeerden vermenigvuldigde”
Lit.: Joh. de Boer, In memoriam Ds. Ite Hamming, in: Jaarboek 1976 GKN, 522.

Dit fragment is interessant omdat hier sprake is van zeven kinderen. Op de site Stamboom De Ruig worden bij Johannes de Boer en Elisabeth de Ruig zes kinderen vermeld; van slechts twee van hen wordt bovendien de naam genoemd. Dit verschil roept vragen op over de volledigheid van de online stamboomgegevens.

Voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog verzorgde ds. Joh. de Boer geregeld bijbel­lezingen op de nationale radio, bijvoorbeeld bij de N.C.R.V. Zijn naam is dan ook veelvuldig terug te vinden in bladen als Vrije Geluiden, het ‘orgaan van den Vrijzinnig Protestantschen Radio Omroep’.

Na de oorlog en zijn verhuizing van Zuid-Beijerland naar Amsterdam werd hij actief in de redactie van de Amsterdamsche kerkbode, het officiĆ«le orgaan van de Gereformeerde Kerken in Nederland in Amsterdam. Het blad publiceerde mededelingen, kerkdiensten en artikelen voor de gereformeerde gemeenten. Het stond in de traditie van de Doleantie, de kerkelijke beweging onder leiding van Abraham Kuyper die zich afscheidde van de Nederlandse Hervormde Kerk.
Amsterdamsche kerkbode - officieel orgaan van de Nederduitsche Gereformeerde Kerk (doleerende)

We hadden al gelezen dat ds. Joh. de Boer in 1968, dus na zijn emeritaat op 1 januari 1964, promoveerde tot doctor in de godgeleerdheid aan de Theologische Akademie uitgaande van de Johannes Calvijnstichting te Kampen. Zijn proefschrift, De verzegeling met de Heilige Geest volgens de opvatting van de Nadere Reformatie, is nog antiquarisch verkrijgbaar.

Het is voor buitenstaanders wellicht verrassend te ontdekken dat deze materie ook in recentere tijd nog wordt besproken, bijvoorbeeld op refoforum.nl.
De verzegeling met de Heilige Geest volgens de opvatting van de Nadere Reformatie, J. de Boer.

Zie ook De ouverture van de filosofie (karlbarth.nl) over ontmoetingen met Theo de Boer, zoon van ds. Joh. de Boer.
  

In dagblad Trouw van 22 december 1984 vinden we een overlijdensbericht van Johannes de Boer, met de namen van de directe familieleden. Uit dit bericht kunnen we opmaken dat dochter Elbertha Johanna, mogelijk de oorspronkelijke eigenaar van ons fotoalbum, de roepnaam Elly gebruikte.
Overlijdensbericht Johannes de Boer, Trouw, 22-12-1984

Op dat moment is zij getrouwd met Gerhard Wilcken, een Duitse architect die niet onbekend is gebleven; over hem is onder meer informatie te vinden in diverse publicaties en online bronnen. Volgens een stamboom op MyHeritage dateert het huwelijk uit 1964, zodat mogelijk sprake is van een tweede huwelijk. 

Elly de Boer is verder nauwelijks in openbare bronnen terug te vinden. Vooralsnog heb ik besloten dit spoor niet verder te onderzoeken.


Tot slot is in het Zeeuws Archief, Beeldbank Schouwen-Duiveland, nog een foto te vinden van de echtgenote van ds. Joh. de Boer, genomen in Brouwershaven in 1929. Zittend, derde van links: mevr. De Boer. Een mooie foto die een waardige afsluiting vormt van deze gefragmenteerde verzameling vondsten.

18 februari 2026

Album 1938–1943 – Predikers

Album 1938–1943 – Predikers

Een van de personen die een rol speelt bij het leggen van verbanden binnen ons fotoalbum 1938–1943 is ds. J. de Boer uit Zuid-Beijerland. Zijn naam duikt voor het eerst op in een bericht van ondertrouw in de Nieuwe Utrechtsche Courant van 3 maart 1939 (zie Album 1938–1943, pagina 41).

In een overzicht van predikanten van de Gereformeerde Kerk te Zuid-Beijerland blijkt dat hij daar op 7 juni 1931 is ingetreden. Zijn opvolger trad in 1948 aan, zodat we met grote waarschijnlijkheid de juiste persoon hebben geĆÆdentificeerd.

In de Zeeuwsche kerkbode van 29 mei 1931 lezen we dat ds. De Boer afscheid heeft genomen van de gemeente in Brouwershaven wegens zijn vertrek naar Oud-Beijerland.

Volgens Digibron vertrok ds. De Boer in 1947 naar Amsterdam-Noord-Buiksloot. Daar lezen we verder:

“Ds. JOH. DE BOER diende na zijn vertrek de Geref. Kerk van Amsterdam-N-Buiksloot van 1947‑1954 en die te Bierum van 1954‑1964. Na zijn emeritaat dd. 1 jan. 1964 promoveerde hij in 1968 op bijkans 69‑jarige leeftijd nog tot doctor in de godgeleerdheid aan de Theologische Akademie uitgaande van de Johannes Calvijnstichting te Kampen op een proefschrift getiteld: De verzegeling met de Heilige Geest volgens de opvatting van de Nadere Reformatie (uitg. Bronder Offset, Rotterdam).”

Onze predikant was dus van 1931 tot 1947 actief in Oud-Beijerland. Wat kunnen we vinden over deze periode?

In het Leidsch Dagblad van 27 maart 1939 lezen we het volgende:

“Onder groote belangstelling, ook uit Noorden had in de Geref. Kerk te Zevenhoven de bevestiging en intrede plaats van den beroepen predikant den heer P. de Ruig, candidaat te Hilversum, Als bevestiger trad op diens zwager, ds. J. de Boer, van Zuid-Beijerland, die tot tekst had gekozen Joh. 19:14.”
 
Op basis van deze familierelatie vinden we een mogelijke echtgenote van ds. De Boer: Elizabeth de Boer, geboren De Ruig (1898‑1985; op sommige stamboomsites gespeld als Elisabeth). Via Open Archieven vinden we een huwelijk op 13 oktober 1926 te Rotterdam.
Met deze gegevens kunnen we verder zoeken naar meer specifieke informatie over Johannes de Boer. Volgens Stamboom De Ruig werd hij geboren op 31 mei 1899 in Zwartsluis en overleed hij op 20 december 1984.

Op diezelfde site vinden we ook een overzicht van het nageslacht. Dat is voor ons relevant, omdat het vermoeden bestaat dat ons fotoalbum aan deze familie gelinkt is. Van slechts twee kinderen zijn namen te achterhalen. De oudste van hen zou in 1942 vijftien jaar zijn geweest. Die leeftijd lijkt echter niet helemaal goed aan te sluiten bij wat we in het album zien. Bovendien levert nader zoeken op deze twee namen vooralsnog alleen flinterdunne zoekrichtingen op. Voor nu laten we deze onderzoekslijn even rusten. Later wellicht meer.
De standaard, 27‑08‑1927

MyHeritage-screenshot: Elbertha Johanna Wilcken (geboren De Boer)
myheritage.de

MyHeritage-screenshot: 
Gerhard Wilcken, 1917 - 2011
myheritage.de

Album 1938–1943, pagina 42

Album 1938–1943, pagina 41: Oud-Beijerland
Album 1938–1943, pagina 42: Oud-Beijerland

Met vier foto’s met het bijschrift “Oud-Beijerland” zijn we bij de laatste pagina van ons fotoalbum aangekomen. Zoals het hoort, is ook hier niet precies duidelijk wie en wat we zien en waar we precies zijn. Dat is op zich niet erg. Het belangrijkste doel van een reeks als deze is het ontsluiten van het beeldmateriaal voor eventuele onderzoekers, nabestaanden of mensen die geĆÆnteresseerd zijn in de regio. Mogelijk volgen er nog enkele korte nabeschouwingen op basis van wat we inmiddels ontdekt hebben over het beeldmateriaal. 
Album 1938–1943, pagina 41, foto 3: uitsnede van het deel waarop de letters ‘NHB’ te zien zijn

Album 1938–1943, pagina 41

Album 1938–1943, pagina 41

We zijn aanbeland bij de voorlaatste pagina van ons album en de foto’s zijn intrigerend. Foto 2, “Drie Rotterdamse onderduikers”, is de eerste echte verwijzing naar de oorlog in dit album.
In het bijschrift bij foto 3 lijkt te staan “Joke (handelsassistente)”. Het kader rond deze foto is eigenaardig scheef uitgesneden .

Het bijschrift bij foto 4 is na wat puzzelen te ontcijferen als “Koekkoekstraat 18”. Dat verwijst dan naar de J.H.B. Koekkoekstraat 18 in Hilversum. Dat lijkt in eerste instantie misschien wensdenken, maar op Google Streetview is goed te zien dat dit adres inderdaad klopt. Je kunt allerlei details mooi vergelijken: boogjes, baksteenpatronen, metselwerk en het aantal ramen. 

In een overlijdensbericht uit Gooische Klanken van 25‑8‑1945 is te zien dat het heel normaal was om de voorletters uit de straatnaam weg te laten en simpelweg “Koekkoekstraat” te gebruiken. Gooische Klanken was een kortstondig dagblad, opererend als een verzetskrant/ondergronds persblad in de regio Hilversum/Bussum direct na de bevrijding in 1945. (Bron)
Overlijdensbericht voor Elbertha Johanna Kerper uit Gooische klanken van 25 augustus 1945
Tot slot kwam ik tijdens het zoeken naar informatie over Koekkoekstraat 18 in Hilversum een onverwacht leuke link tegen tussen Zuid-Beijerland en Hilversum in een bericht van ondertrouw in de Nieuwe Utrechtsche Courant van 03‑03‑1939: een huwelijksbevestiging te Hilversum van P. de Ruig, predikant, en B.M.W de Ruig-Mulder, door ds. J. de Boer uit Zuid-Beijerland. Het genoemde adres is Koekkoekstraat 18 te Hilversum. Toeval? Mogelijk, maar wel een flinke dosis. 

17 februari 2026

Album 1938–1943, pagina 40

Album 1938–1943, pagina 40: zes portretten
Album 1938–1943, pagina 40

Op deze pagina zijn we bij een nieuwe reeks portretten aanbeland. Boven foto 1 staat ‘O‑B’ geschreven, waarschijnlijk ‘Oud‑Beijerland’. Boven foto 5 staat ‘Hilversum’. Op foto 5 zien we wat vlekkerigheid. Dat lijkt op een oude, zeg maar uitgewaaierde vingerafdruk op de foto, niet op het negatief. Foto 6 was losgeraakt van de pagina en is voor het scannen zo goed mogelijk op zijn oorspronkelijke plek gemanoeuvreerd.
Album 1938–1943, pagina 40, vlekkerigheid op foto 5

Album 1938–1943, pagina 39

Album 1938–1943, pagina 39, vijf zwart-witfoto’s
Album 1938–1943, pagina 39

We zijn bij een reeksje geposeerde portretten aanbeland. De foto’s zijn zo te zien in dezelfde periode van het jaar genomen en misschien zelfs op dezelfde dag. 

Op foto 3 zien we rechts een jongeman met een donkere riem over zijn regenjas. Regenjassen in de jaren ’30–’40 hadden vaak gƩƩn ingebouwde ceintuur. Een leren riem werd dan gebruikt om de jas te tailleren of simpelweg dicht te houden bij wind of regen. Dat was dus geen improvisatie, maar een heel normale en zelfs modieuze oplossing. 
Album 1938–1943, pagina 39, foto 3: een jonge vrouw en man bij een brugleuning
Foto 5 (dezelfde jongeman in regenjas) laat zien dat deze manier van plaatsnemen op een bankje (zitten op de rugleuning met de voeten op de zitting) ook toen al voorkwam. Tegenwoordig wordt deze houding vaak gezien als een informele, ontspannen 'tienerstijl' en zou het waarschijnlijk geassocieerd worden met hangjongeren, maar het is toch wel erg lastig de elegante jongeman op deze foto als hangjongere te zien. En dat zegt dan weer iets over de subjectiviteit van perceptie.
Album 1938–1943, pagina 39, foto 5: een jonge man zit op de rugleuning van een bankle met zijn voeten op de zitting