STRAALJAGER
Dat is een straaljager, mijn zoon.
Hij jaagt op dit moment door de geluidsbarrière
en – en passant – ook door je moeders serre
met z’n vileine toon.
Die daar kost wel een half miljoen
en daarom kunnen wij geen woning krijgen.
Toch is zo'n ding er enkel om te dreigen,
begrijp je wel? Ze gaan er niets mee doen,
zeggen ze immers, ’t Is alleen vertoon.
Die dingen zijn om oorlog te vermijden
en daarom moet een leraar honger lijden
en krijg jij heel slecht onderwijs, mijn zoon.
Maar troost je. Dat vindt iedereen gewoon.
Alleen je vader en je moeder zijn ertegen
en met ons nog een stuk of acht of negen,
maar daar houdt het beslist mee op, mijn zoon.
De rest zegt, och nou ja, het móét helaas...
Kijk daar, die duizend mensen in de straten,
die praten zo. Erg rustig en gelaten.
Wij niet. Maar wij zijn dwaas.
En als ik het eens zeggen zou, wat dan?
Als ik tot al die moeders ging betogen:
pas op... pas op... we worden weer bedrogen
en onze kinders gaan er an... !
Hij jaagt op dit moment door de geluidsbarrière
en – en passant – ook door je moeders serre
met z’n vileine toon.
Die daar kost wel een half miljoen
en daarom kunnen wij geen woning krijgen.
Toch is zo'n ding er enkel om te dreigen,
begrijp je wel? Ze gaan er niets mee doen,
zeggen ze immers, ’t Is alleen vertoon.
Die dingen zijn om oorlog te vermijden
en daarom moet een leraar honger lijden
en krijg jij heel slecht onderwijs, mijn zoon.
Maar troost je. Dat vindt iedereen gewoon.
Alleen je vader en je moeder zijn ertegen
en met ons nog een stuk of acht of negen,
maar daar houdt het beslist mee op, mijn zoon.
De rest zegt, och nou ja, het móét helaas...
Kijk daar, die duizend mensen in de straten,
die praten zo. Erg rustig en gelaten.
Wij niet. Maar wij zijn dwaas.
En als ik het eens zeggen zou, wat dan?
Als ik tot al die moeders ging betogen:
pas op... pas op... we worden weer bedrogen
en onze kinders gaan er an... !
Wat dan, mijn zoon? Dan lachen ze me uit.
Ze zijn te moe om het meteen te vatten.
Ze zijn niet meer van vlees; ze zijn van watten,
medicinale watten in hun huid.
Geen hart, geen milt, geen nieren en geen bloed,
alleen maar watten onder hun japonnen.
Dat hoort ook zo. Daar is het om begonnen.
Wij enkelen zijn gek. En zij zijn goed.
De arbeiders, de watten middenstand,
de zigzag-watten intellectuelen...
mannen en vrouwen eender, al die velen,
het hele gewatteerde Nederland.
Ze zijn te moe om het meteen te vatten.
Ze zijn niet meer van vlees; ze zijn van watten,
medicinale watten in hun huid.
Geen hart, geen milt, geen nieren en geen bloed,
alleen maar watten onder hun japonnen.
Dat hoort ook zo. Daar is het om begonnen.
Wij enkelen zijn gek. En zij zijn goed.
De arbeiders, de watten middenstand,
de zigzag-watten intellectuelen...
mannen en vrouwen eender, al die velen,
het hele gewatteerde Nederland.
Ik hoop maar dat je net zo wordt als zij,
een van de watten mensen. Een van velen
die 't al met al geen flikker meer kan schelen.
Dan ben je veel gelukkiger dan wij.
Pas op, mijn zoon, ik doe de ramen toe.
Maar ook, wanneer mijn raam is toegeschoven
hoor ik nog steeds de straaljager, hoog boven
‘the happy many’ en ‘the miserabele few’.
Uit: Weer of geen weer, Annie M.G. Schmidt een van de watten mensen. Een van velen
die 't al met al geen flikker meer kan schelen.
Dan ben je veel gelukkiger dan wij.
Pas op, mijn zoon, ik doe de ramen toe.
Maar ook, wanneer mijn raam is toegeschoven
hoor ik nog steeds de straaljager, hoog boven
‘the happy many’ en ‘the miserabele few’.
N.V. De Arbeiderspers, MCMLIV

Geen opmerkingen:
Een reactie posten