Posts tonen met het label Duindorp. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Duindorp. Alle posts tonen

08 mei 2026

Opoe Zonnebloem knapt het op

Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 27 april 1946, met een bezoek van Baron Van Haring tot Odeem, burgemeester van Polderbroek.

Bij het zoeken naar achtergrondinformatie in Delpher dook deze leuke bijvangst op: zeventien afleveringen van de krantenstrip Opoe Zonnebloem knapt het op van een anonieme maker, gepubliceerd in het weekblad De Prinsestad: voor orde, recht en opbouw, orgaan van de Vereeniging van oud-politieke gevangenen te Delft. In Delpher is tot nu toe (mei 2026) nog maar een beperkt aantal nummers van het weekblad beschikbaar. Wellicht volgen later meer scans.

Op de site van het Stadsarchief Delft is een leerzaam artikel over De Prinsestad te vinden, waarin terloops wordt vermeld dat het archief een complete reeks van dit tijdschrift bezit. In het artikel wordt gesproken over de harde en spottende toon, die ongebruikelijk was in de over het algemeen positieve wederopbouwsfeer. “Het blad is dan ook bestemd voor een vrij specifieke doelgroep: oud-politieke gevangenen, verzetslieden die in Duitse gevangenschap zaten.” Het artikel is gebaseerd op het boek De geest van het verzet. Ex-politieke gevangenen uit ’40–’45 van Tom de Ridder (Zutphen, 2009).

De strip is vooralsnog een bescheiden raadsel. De reeks lijkt nergens gesigneerd en de uitgebreide overzichten van Lambiek over krantenstrips uit de jaren 1940–1950 bevatten geen vermelding van de titel. De gevonden reeks is, zoals gezegd, onvolledig, maar de scans volgen wel een chronologische volgorde, zodat het verhaal redelijk te volgen is. We zien veel verwijzingen naar de Duitse bezetter (bijvoorbeeld een stamhoofd dat op Göring lijkt) en naar actuele gebeurtenissen, zoals de opstand in Kamp Duindorp.

Deze opstand vond plaats in juni 1946, toen geïnterneerde NSB’ers en collaboratieverdachten in opstand kwamen tegen de slechte omstandigheden en zware dwangarbeid in het Scheveningse interneringskamp. Bewakers werden bekogeld met stenen en dakpannen, en de rellen duurden enkele dagen voordat politie en militairen de rust herstelden.

De kwaliteit van de strip is zeker vergelijkbaar met die van soortgelijke strips uit die periode. Alleen al daarom was het leuk om hier even in te duiken.

Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 1 mei 1946, met Jan Kruidnagel en Jim, de beroemde jockey, en zijn wonderpaard.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 11 mei 1946, met Hors, het nukkige renpaard dat soms verstandig is.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 15 juni 1946, met geest Adolf en Opoe Zonnebloem in een rijtuig, bespannen met een geestespaard ... den wir fahren.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 29 juni 1946, met geest Adolf die in een toespraak spreekt over zijn dappere geestverwanten die in kamp Duindorp zijn opgestaan tegen hun bewakers.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 13 juli 1946, met een roodharige reuzenkabouter.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 27 juli 1946, met grote spierballenbonk Spiero Ballo en circusbaas Snor.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 3 augustus 1946, met aankomst bij het kasteel van de hertog van Calva. 'Hij is wat dik, wat dom en wat trotsch, maar hij is niet lui'.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 10 augustus 1946, met de terugkeer van de bloem die door Bullo Stiero was geroofd.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 7 september 1946, waarin Opoe Zonnebloem achter in de auto zit bij de Geheime Dooders. Een hersepannenkrakerij volgt.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 21 september 1946, met Opoe Zonnebloem als griezelig wit spook.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 5 oktober 1946, met Opoe Zonnebloem bij het vliegtuig van Franco.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in De prinsestad van 12 oktober 1946, met Opoe Zonnebloem en haar trawanten in een vliegtuig van Spanje naar Zuid-Amerika.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 19 oktober 1946, met een onverwachte parachutesprong en een landing op een eiland in de oceaan.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in De prinsestad van 2 november 1946, met Spekkie, het opperhoofd van de inlanders. Opoe Zonnebloem vindt 'm net Goering.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 9 november 1946, met Opoe Zonnebloem die zich afvraagt of ze zich zal uitroepen tot koningin van de eilandbewoners.
Krantenstrip 'Opoe Zonnebloem knapt het op' in weekblad De prinsestad van 14 december 1946, met de introductie van een witte neger.

11 maart 2026

Scheveningen, april 1973

Gevonden in het familiearchief:
Gestarnde Norderney, april 1973
De Norderney, het zendschip van Radio Veronica, strandde op 2 april 1973 na een zware storm op het strand van Scheveningen. Het schip sloeg van zijn ankers en dreef stuurloos naar de kust.

07 december 2025

Duindorp, 1946

Krantenartikel over Duindorp, met foto. De Nieuwe Nederlander, 20 augustus 1946.
Dinsdag zou een begin gemaakt worden met het vrijlaten van 40.000 geïnterneerden, de z.g.n. lichte gevallen. Uit het kamp Duindorp te Scheveningen werden Zondag 2300 geïnterneerden met wagens naar andere kampen overgebracht, zoodat er nog ongeveer 2700 geïnterneerden in het kamp overblijven. Hoeveel hiervan zullen vrijgelaten worden? En zal men het resteerende aantal naar andere kampen overbrengen, zoodat de Scheveningers eindelijk hun woningen weer kunnen betrekken? De foto geeft een overzicht van het kamp „Duindorp” te Scheveningen.

De Nieuwe Nederlander, 20‑08‑1946, via Delpher.

19 september 2025

De Duindorpkerk en zo verder

Ansichtkaart met foto en daaronder de tekst 'Den Haag. Duindorpkerk Kranenburgerweg
Een ansichtkaart met een foto van de Duindorpkerk in Scheveningen. Reliwiki zegt hierover: “Mooi op straathoek gesitueerd kerkgebouw, met kleine dakruiter. Na de bouw van de wijk Duindorp, meer naar het westen in Scheveningen, werd deze kerk hernoemd tot Immanuëlkerk (de kerk heeft dus maar kort, tot ± 1937, "Duindorpkerk" geheten; in 1937 kwam in Duindorp de nieuwe Pniëlkerk gereed).”
De locatie van de voormalige Duindorpkerk op een stadsplattegrondje.
De locatie is nog net herkenbaar.
Googler Street View-screenshot van de locatie van de voormalige Duindorpkerk
De frankering van de ansichtkaart bestaat uit een Nederlandse postzegel van 1½ cent in de kleur violet, uitgegeven in de jaren 1920‑1930. Dit type zegel is bekend als een Vliegende Duif-zegel, ontworpen door Chris Lebeau.
Achterkant van ansichtkaart met postzegel van 12½ cent in de kleur paars, uitgegeven in de jaren 1920–1930. Dit type zegel is bekend als een Vliegende Duif-zegel, ontworpen door de bekende kunstenaar Lion Cachet.
Lebeau was een van de kunstenaars aan wie werd gevraagd ontwerpen in te zenden voor de postzegelprijsvraag van 1920. De bedoeling was ontwerpen met en zonder afbeelding van koningin Wilhelmina te maken. De anarchist Lebeau weigerde echter het staatshoofd af te beelden. Hoewel Lebeaus ontwerpen voor de prijsvraag niet werden uitgevoerd, kreeg hij wel de opdracht voor vervaardiging van de cijferzegels met lage waarden. Dit werd de vliegende duif, een soort vereenvoudigde versie van zijn luchtpostzegel die in 1921 verscheen. In 1941 werd de vliegende duif opnieuw uitgegeven, ditmaal voor de hogere geldwaarden. (Bron: Museum Het Schip. Het museum voor de Amsterdamse School.)

De kaart is afgestempeld in ’s‑Gravenhage (Den Haag) op 21 juli 1930. Met promotionele tekst: ‘Bezoekt Vredes- en Volkenbondstentoonstelling ’s‑Gravenhage’, onderdeel van een publieke campagne.

De afzender is onleesbaar (mogelijk ‘Non Disselhof’). De geadresseerde is Mevrouw de Weduwe L. Distel-Schnieder, Staalstraat 1 bis, Utrecht. ‘L.’ is Helena Gezina Schnieder, weduwe van Gerhardus Jozephus Distel. Op het moment dat deze kaart is afgestempeld, 21 juli 1930, was de weduwe 61 jaar. Zij zou 84 worden.

25 april 2025

Zicht op Duindorp tijdens de beginjaren van WO II

Zicht op de toenmalige Westduinbrug en Houtrustweg (Duindorp). Jaartal onbekend, maar als we op de beschrijvingen afgaan in elk geval tijdens WO II en vóór de ontruiming
Tweede Wereldoorlog. Nederland onder Duitse bezetting. Voetgangers op een brug in Holland. Door Franz Grasser (maker/fotograaf) – Deutsche Fotothek, Duitsland – Publiek domein.
Beschrijving op Europeana: Zweiter Weltkrieg. Niederlande unter deutscher Besatzung. Passanten auf einer Brücke in Holland door Grasser, Franz (Herstellung) (Fotograf) - Deutsche Fotothek, Germany - Public Domain.
Tweede Wereldoorlog. Nederland onder Duitse bezetting. Den Haag, Duindorpdam. Straatbeeld aan de rand van de wijk Duindorp. Rechts vrouwen uit Scheveningen in traditionele klederdracht. Door Franz Grasser (maker/fotograaf) – Deutsche Fotothek, Duitsland – Publiek domein.
Beschrijving op Europeana: Zweiter Weltkrieg. Niederlande unter deutscher Besatzung. Den Haag, Duindorpdam. Straßenbild am Rande des Viertels Duindorp. Rechts Frauen aus Scheveningen in traditioneller Kleidertracht door Grasser, Franz (Herstellung) (Fotograf) - Deutsche Fotothek, Germany - Public Domain.
Tweede Wereldoorlog. Nederland onder Duitse bezetting. Straatbeeld in Holland. Door Franz Grasser (maker/fotograaf) – Deutsche Fotothek, Duitsland – Publiek domein.
Beschrijving op Europeana: Zweiter Weltkrieg. Niederlande unter deutscher Besatzung. Straßenbild in Holland door Grasser, Franz (Herstellung) (Fotograf) - Deutsche Fotothek, Germany - Public Domain.

30 maart 2025

Teekenaars

[Dit artikel is onderdeel van een reeks. Als je hier klikt, zie je alle artikelen op een rijtje.] 

“Ook de technici bekleedden in het kamp een bevoorrechte positie, de technici en de teekenaars. Zij beschikten over wat gereedschap en hadden in leege benedenhuizen simpele werkplaatsen en ateliers ingericht. Tot de taak van de technici behoorde het onderhoud van de woningen en het vervaardigen van de voorwerpen die in het kamp noodig waren, terwijl de teekenaars eenvoudige landschappen en stillevens moesten vervaardigen die door de kunsthandels in de stad verkocht konden worden.” 

Uit: De dood zit op het vinkentouw (pag. 49), Niels Jacob van Heerne


Toen ik het bovenstaande stukje las, moest ik denken aan een tekening die ik ooit uit de nalatenschap van mijn grootouders heb gekregen. Ik had die tekening al eens online gezet. Mijn grootvader was blokcommandant in Kamp Duindorp, en een flink aantal geërfde spullen had met het kamp te maken (zie hier).

 
Tekening Snellinckx 1945, Duindorp

Over de ‘teekenaar’, J. Snellinckx, kon ik toentertijd niets vinden. Tegenwoordig wel, zie bijvoorbeeld hier (zelfde handtekening op het schilderij als op de tekening). We moeten hier natuurlijk wel in het midden laten of het hier om een geïnterneerde of om een bewaker gaat. 

Als ik het goed heb, zien we op de tekening een van de poortjes van de Zeezwaluwhof in Duindorp. Ik ben laatst nog eens gaan kijken, maar aan de hand van de tekening kan ik echt niet bedenken welke van de poorten het is. Hieronder zie je twee foto’s vanaf de Houtrustweg, maart 2025.
Poort Zeezwaluwhof vanaf Houtrustweg, Duindorp
Poort Zeezwaluwhof vanaf Houtrustweg, Duindorp
Overigens vond ik ooit in het Haags Gemeentearchief een foto van het dichtmetselen van de Zeezwaluwhof in 1945. Die foto had ik destijds al eens gepost, maar ik kan de oorspronkelijke versie in het archief niet meer vinden (de oude link werkt niet meer). Daarom, bij wijze van herhaling, nogmaals hier.
Zeezwaluwhof, Duindorp, dichtmetselen van de poort naar de Zeezwaluwstraat (1945)

25 maart 2025

De dood zit op het vinketouw: eerste versus tweede druk

[Dit artikel is onderdeel van een reeks. Als je hier klikt, zie je alle artikelen op een rijtje.] 

Toen ik voor het eerst las over het boekje De dood zit op het vinketouw, ben ik op zoek gegaan naar een fysiek exemplaar, maar dat bleek een stuk lastiger dan gedacht. Zoals ik al eerder schreef, heeft de site van Hans Paijmans me goed op weg geholpen, en daar ontdekte ik ook scans van het boek. Het daar gepresenteerde exemplaar blijkt de tweede druk te zijn. Totaal tegen de verwachting in is het me toch gelukt om een exemplaar van de eerste druk te bemachtigen

En er blijken verschillen te zijn tussen de twee versies. Zo heeft het omslag van de tweede druk een andere kleur dan dat van de eerste druk, zie hieronder.
De dood zit op het vinketouw, omslag eerste druk
De dood zit op het vinketouw, omslag tweede druk
Boven zie je de eerste druk, daaronder de tweede druk. De foto’s van de tweede druk hierboven en hieronder zijn afkomstig van de site van Hans Paijmans, terwijl de foto's van de eerste druk door mijzelf zijn gemaakt. De kleurverschillen zijn duidelijk zichtbaar. Waarschijnlijk zijn er een andere drukkerij en boekbinderij gebruikt. Zie ook het eerste artikel in deze reeks.

Een andere afwijking is dat in de tweede druk een afbeelding is opgenomen vóór het titelblad. Zie hieronder voor een vergelijking tussen de eerste en de tweede druk.
De dood zit op het vinketouw: titelblad eerste druk
De dood zit op het vinketouw: titelblad tweede druk met afbeelding links
De dood zit op het vinketouw: afbeelding in tweede druk die niet aanwezig is in de eerste druk
Op het eerste gezicht lijken dit de grootste verschillen. Om te achterhalen of er ook tekstuele aanpassingen zijn, zou ik beide versies naast elkaar moeten leggen – een klus die nu iets te ver voert. Misschien als ik ooit echt een paar dagen niets te doen heb.

21 maart 2025

In de roos

[Vervolg op dit blogartikel.] 

(1)
De dood zit op het vinketouw, pag. 12:

Het kamp was een visschersdorp aan de rand van de stad. Het zat als een wig tusschen de duinstrook en het afvoerkanaal geklemd. In de laatste jaren van den oorlog had de bezetter alle huizen door de bewoners doen ontruimen om er de bedieningsmanschappen van zijn bunkers en kustbatterijen in onder te brengen en zoodra de oorlog afgeloopen was en de bezettingstroepen verdwenen waren, had men het geheele dorp met een dubbel hek, van prikkeldraad omringd en er een groot kamp voor politieke gevangenen van gemaakt.

(2)

Stichting Argus: vinketouw.pdf, pag. 5:
In de roos, knipsel uit het Vrije Volk, 19-3-'49
RVO 
Documentatie 
Knipseldienst 
Vrije Volk (het) 
(19-3-’49) 

Een vriend bracht ons een boekje, dat hem in een van adres noch afzender voorziene enveloppe is toegezonden. De titel luidt: ,,De dood zit op het vinketouw”, de schrijver heet ,,Niels Jacob van Heerne”. Het boek is uitgegeven te Antwerpen bij de ons onbekende uitgeverij ,,De Duindoorn" en het is de tweede druk. Al deze bijzonderheden staan op de omslag vermeld in een kader van prikkeldraad. En ge denkt meteen: ,,Ah, weer een verhaal over het leven in een kamp”. 
Het begin van de lectuur bevestigt dit vermoeden. Het is de bekende beschrijving van het gruwelijke bestaan der gevangenen in een concentratiekamp. Maar dan komt ge aan enkele passages, die u een vaag gevoel van onbehagen geven. De beschrijving van het kamp doet sterk aan Duindorp denken, en als ge dan plotseling leest. dat een der geïnterneerden aan het Oostfront was, weet ge het plotseling: dit betreft de kampen van vandaag... 
En ge weet ook, dat dit clandestien uit België geïmporteerde lectuur is, die vermoedelijk gretig aftrek vindt bij de ex-gedetineerden. 
Het boek geeft een bedroevend beeld van de mentaliteit der geïnterneerden. Bewakers en behandeling worden met grof geschut aangevallen... In het gehele boekje ontbreekt het inzicht van de noodzaak dezer internering. Het is niet anders dan een verongelijkt gepruil en het eindigt met de dood op de vlucht van drie ,,dappere kerels" door kogels van een jeugdige bewaker... 
Zo hebben we dus weer illegale lectuur... met dit verschil: zie die toen illegaal drukwerk uitgaven, deden het met onberekenbaar gevaar voor eigen, leven voor. een edele zaak – zij die het nu doen, lopen hoogstens het risico van een lichte straf, voor een onguur gestook.


Meer context en allerlei relevante hyperlinks vind je hier.

17 maart 2025

Schaduwdrukken en spiegelarchieven

Boek 'De dood zit op het vinketouw' van Niels Jacob van Heerne, omslag
Het boek De dood zit op het vinketouw van Niels Jacob van Heerne (waarschijnlijk een pseudoniem van Jan van Rheenen) is buitengewoon moeilijk te vinden. Het werd illegaal gedrukt en uitgegeven en was als nieuw boek nooit verkrijgbaar in reguliere boekhandels. Sterker nog, het stond op een soort zwarte lijst van de Centrale Veiligheidsdienst (CVD), een Nederlandse veiligheidsdienst die in 1946 werd opgericht als opvolger van het Bureau Nationale Veiligheid (BNV). In 1949 werd de CVD op haar beurt vervangen door de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD).

Boek 'De dood zit op het vinketouw' van Niels Jacob van Heerne, opengeslagen op titelblad. OP de pagina daarvoor het begincitaat 'E afeura sonaba el mar...'

Het boek beschrijft het verblijf van een delinquent in Kamp Duindorp, direct na de Tweede Wereldoorlog. Volgens de autoriteiten zou het werkje met name interessant zijn voor andere delinquenten, mensen die tijdens de oorlog aan de verkeerde kant stonden, communisten en andere staatsgevaarlijke individuen. Geïnteresseerden konden zich via intekenkaarten aanmelden voor een exemplaar.

Spionage door de CVD
Stichting Argus, een onafhankelijk onderzoeks- en persbureau, heeft een volledig CVD/BVD-dossier over het boek en de intekenaars weten te achterhalen en online gepubliceerd. Hieruit blijkt dat de CVD al snel zicht had op lijsten met namen van mensen die een intekenkaart hadden ingevuld en verstuurd naar een specifiek postbusnummer in Den Haag. Het onderstaande rapport beslaat slechts drie van de 144 pagina’s uit de pdf op de site van Argus, maar biedt een fascinerend inkijkje in de diepgravende manier waarop de CVD het boek, de uitgever en drukker, en de intekenaars en andere geïnteresseerden in de gaten hield.

De pdf bevat tekst die via OCR is ingelezen. Ik heb de pagina’s 63 t/m 65 (volgens de pdf‑telling) gekopieerd, enigszins opgeschoond en een paar kleine details aangepast. Zo heb ik bijvoorbeeld de schrijfwijze van namen gecorrigeerd: in het originele rapport ontbreekt consequent de spatie tussen voorletters en achternamen, wat voor een moderne lezer minder prettig leest. Er kan natuurlijk hier en daar wel een foutje in de uiteindelijke tekst geslopen zijn.

Mijn eigen zoektocht
Overigens ben ik zelf geen delinquent en heb ik bepaald geen nationaal-socialistische sympathieën. Mijn interesse in dit boek komt voort uit mijn fascinatie voor Kamp Duindorp. Mijn zoektocht begon dankzij de website van Hans Paijmans, Boeken die niet verloren mogen gaan. Zonder die site was ik waarschijnlijk niet zo ver gekomen; alle lof dus voor Hans en zijn werk!



TM                                                                 Afschrift.

POLITIE te 's‑GRAVENHAGE

JUSTITIËLE POLITIE

CENTRALE RECHERCHE

Bureau I

 

ONDERWERP: Onderzoek naar de drukker en uitgever van het boek "DE DOOD ZIT OP HET VINKETOUW".

 

RAPPORT.

Naar aanleiding van een schrijven van de Procureur‑Generaal bij het Gerechtshof te 's‑Gravenhage, No.VII/19 R.P. d.d. 29 Juni 1948 en de daarbij gevoegde bescheiden, waarin wordt verzocht een onderzoek in te stellen naar de drukker en uitgever van het boek "DE DOOD ZIT OP HET VINKETOUW", heb ik, ondergetekende, Johannes Jacobus Bartholomeus Hendrikus WIJSMAN, hoofdagent van Politie-rechercheur te 's‑Gravenhage, een onderzoek ingesteld, waaromtrent ik het volgende heb te rapporteren:

Bij onderzoek aan het Hoofdpostkantoor te 's‑Gravenhage is gebleken, dat de machtiging no. 813 tot het in ontvangst nemen van ongefrankeerde stukken op naam staat van A.W. DIJKMAN, wonende Lange Houtstraat 32 te 's‑Gravenhage. Blijkens van het personeel der Posterijen bekomen inlichtingen, is deze machtiging verleend op 26 Augustus 1946 en wordt sedert omstreeks begin Juni 1948 gebruikt tot het ontvangen van de groene intekenkaarten, als waarvan een exemplaar is gevoegd bij vorenvermeld schrijven van de Procureur-Generaal.

Ik, rapporteur, heb mij vanaf 9 Juli 1948 dagelijks aan het Hoofdpostkantoor te 's‑Gravenhage op de hoogte gesteld van het aantal ingekomen intekenkaarten. In de eerste dagen van dit onderzoek varieerde dit aantal dagelijks van ongeveer 30 tot 40 stuks. Dit aantal zakte geleidelijk af tot dat aan de datum van heden het aantal kaarten niet meer dan 4 à 5 stuks per dag bedraagt. De kaarten werden afgezonden uit alle delen van het land.

Speciaal voor wat betreft het aantal intekenaars uit 's‑Gravenhage en omstreken heb ik een nauwkeurig onderzoek ingesteld, door de namen van laatstbedoelden bij het Bevolkingsregister te laten aanvullen en de daardoor verkregen gegevens bij de Politieke Recherche Afdeling te 's‑Gravenhage te laten onderzoeken.

Uit de in deze tot op heden verkregen inlichtingen is gebleken, dat van 49 verkregen namen, waaronder zij begrepen de namen van personen, die blijkens de ingezonden kaarten naar de mening van de intekenaars belangstelling voor de uitgave zouden hebben, er 41 bij de P.R.A. te 's‑Gravenhage voorkomen als politiek delinquent.

Gebleken is, dat de juiste gegevens van A.W. DIJKMAN voormeld zijn:

Arend Willem DIJKMAN, geboren te Voorschoten, 24 April 1916, uitgever, wonende Leidseweg 254 te Voorschoten. Genoemde DIJKMAN bleek bij informatie bij de P.R.A. te 's‑Gravenhage en Leiden niet voor te komen.

Ten aanzien van het adres Lange Houtstraat 32 te 's‑Gravenhage, waaraan de intekenkaarten via de machtiging 813 werden verzonden, is gebleken, dat daar is gevestigd de Commanditaire Vennootschap A.W. DIJKMAN, Drukkers en Uitgevers. Uit een nader onderzoek, dat naar dit bedrijf werd ingesteld bij het Handelsregister en het Nederlands Beheers Instituut te 's‑Gravenhage, is gebleken, dat dit bedrijf vóór 1940 was genaamd: N.V. Boek- en Steendrukkerij S. VISKOPER. Directeuren waren S. RATZENDORFER en S. VISKOPER (Israëlieten). Als adjunct-directeur was aan deze onderneming in die tijd verbonden:

Antonie Hendricus Ludovicus ZEEMAN, geboren te Zutphen, 24 November 1876, thans wonende Edisonstraat 130 te 's‑Gravenhage.

Op 27 November 1941 werd aan het Handelsregister te 's‑Gravenhage kennis gegeven, dat krachtens Par. 7 der Verordening van de Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandse gebied van 12 Maart 1941 Verordening 48/1941 ZEEMAN voormeld gerechtigd was tot alle handelingen uit het beheer der onderneming voortvloeiende.

Op 15 Juni 1942 werd aan het Handelsregister kennis gegeven, dat ZEEMAN tot directeur van de N.V. VISKOPER was aangesteld.

Op 17 December 1943 werd aan het Handelsregister kennis gegeven, dat de naam van de onderneming is gewijzigd in de N.V. Boek- en Steendrukkerij A.H.L. ZEEMAN. Deze N.V. is opgericht blijkens afkondiging in de Nederlandse Staatscourant van 2 December 1943 No. 253. Notaris A.C. VAN MOURIK BROEKMAN.

Op 26 Juni 1945 werd ZEEMAN te 's‑Gravenhage aangehouden en als politiek delinquent geïnterneerd. De drukkerij kwam onder beheer van het Nederlandse Beheers Instituut. [onleesbaar] dit Instituut werden daarna achtereenvolgens vier bestuurders benoemd, namelijk:

1e. G.J. MOLENAAR, wonende Ananasstraat 126 op 12 Februari '46

2e. op 6 December 1946 Mr. B.H.M. GRANSJEAN en H. SCHOONBERG, die in deze domicilie kozen ten kantore van het Nederlandse Beheersinstituut, Koninginnegracht 98 te 's‑Gravenhage;

3e. Adriaan STOPPELAAR, die eveneens domicilie koos ten kantore van voormeld Instituut op 1 November 1947.

Op 29 Maart 1946 werd de inventaris van het perceel Lange Houtstraat 32 te 's-Gravenhage van het Nederlandse Beheers Instituut gekocht door:

Arend Willem DIJKMAN voormeld voor de som van f. 12.450.- Het perceel op zichzelf is een huurpand.

Blijkens inlichtingen uit het Handelsregister is daar op 10 Augustus 1946 ingeschreven de A.W. Dijkman Commanditaire Vennootschap Drukkers en Uitgevers, met als beherende vennoot A.W. DIJKMAN voormeld en een vennoot bij wijze van geldschieting. Het bedrag der gezamenlijk ingebrachte gelden is f. 4000.

Blijkens bij de Raad van Arbeid ingewonnen gegevens, werken bij dit bedrijf momenteel negen man personeel, waarvan er drie bij de P.R.A. te 's-Gravenhage voorkomen.

Teneinde een onderzoek in voormeld bedrijf te kunnen instellen, zonder dat de indruk gegeven zou kunnen worden, dat omtrent voormelde aangelegenheid een politie-onderzoek gaande was, heb ik, rapporteur, contact opgenomen met ambtenaren van de Fiscale Recherche te 's‑Gravenhage, naar aanleiding waarvan door deze ambtenaren op 30 Juli 1948 een onderzoek is ingesteld in dit bedrijf, waarbij ik tegenwoordig was.

In het kantoorlokaal trof ik ongeveer tachtig grote gesloten enveloppen aan, waarin zich, nadat ik er met toestemming één van had geopend, exemplaren bleken te bevinden van het boek "DE DOOD ZIT OP HET VINKETOUW". Al deze enveloppen waren geadresseerd en voor verzending gereed. Aan elke enveloppe was een ingevuld postwisselformulier bevestigd, geadresseerd aan A.W. DIJKMAN, postbus 12, Den Haag. Het op de postwissels ingevulde bedrag was f. 3,75. Verder werden in het kantoor aangetroffen twee gesloten pakken, waarop vermeld stond 100 exemplaren en een dergelijk pak, dat was aangebroken, waarin zich ongeveer 50 exemplaren van het boek "DE DOOD ZIT OP HET VINKETOUW" bevonden.

In de administratie werd een factuur aangetroffen, bestemd voor "Drukkerij Dijkman", Lange Houtstraat, Den Haag en afgezonden door de Drukkerij WALTMAN, A.J. MULDER, Koornmarkt 62, Delft. Op de factuur stond vermeld 1000 exemplaren "DE DOOD ZIT OP HET VINKETOUW", totaal bedrag f. 884.18. Deze rekening was gedateerd 14 Juni 1948.

Arend Willem DIJKMAN voormeld, door de ambtenaren en mij, rapporteur, gehoord, verklaarde, dat de opdrachtgever tot het drukken van het boek is, de uitgeverij "DUINDOORN", gevestigd in het Torengebouw te Antwerpen en dat Directeur of eigenaar van die uitgeverij zou zijn ene VAN DE BERG. Hij verklaarde verder, dat hij met "De Duindoorn" was overeengekomen, dat hij, DIJKMAN, de druk van de boeken zou verzorgen en dat de druk in een soort licentie zou geschieden, waardoor hij verplicht was vijftien procent van de verkoopsprijs aan de "Duindoorn" te Antwerpen over te maken.

Volgens zijn verklaring is zijn bedrijf niet geheel ingericht voor de verzorging van zulk soort drukwerk, reden waarom hij het drukken, inclusief de levering van papier heeft opgedragen aan de Drukkerij WALTMAN, Koornmarkt 62 te Delft. Hij verklaarde, dat de eerste oplage duizend exemplaren bedraagt en dat de factuur, in dit rapport vorenverme!d, betrekking heeft op de levering van deze duizend boeken, waarvan hij er momenteel nog ongeveer 250 verklaarde te hebben. Hij betwijfelde, of er een tweede oplage zou kunnen volgen, gezien het feit, dat de laatste dagen zeer weinig intekenkaarten binnen kwamen en hij zeide gelukkig te zullen zijn, als hij de resterende 250 stuks zou kunnen plaatsen.

DIJKMAN verklaarde, dat hij bij het begin van de uitgave zo hier en daar eens had geïnformeerd, of personen belangstelling voor het boek hadden en dat verder de verkoop door aanbeveling van intekenaren had plaats gehad.

De oprichting van de Commanditaire Vennootschap is volgens zijn verklaring meer op formele gronden geschied, om aan verschillende bepalingen voor de grafische vakken te voldoen. Zijn vader zou de stille vennoot zijn.

Een exemplaar van het boek "DE DOOD ZIT OP HET VINKETOUW" werd met goedvinden van A.W. DIJKMAN medegenomen en wordt bij dit rapport gevoegd.

Uit een door de Politie te Antwerpen ingesteld onderzoek is gebleken, dat de uitgeverij "De Duindoorn", alsmede de naam VAN DE BERG in het Torengebouw te Antwerpen niet bekend zijn.

Waarvan naar waarheid is opgemaakt dit rapport te ’s-Gravenhage en gesloten de 11e Augustus 1948.

 

De Hoofdagent van Politie-rechercheur,

w.g. J.J.B.G. Wijsman.

  

Gezien blz. 1 t/m 3

DE HOOFDINSPECTEUR VAN POLITIE

CHEF BUREAU I CENTRALE RECHERCHE

's-GRAVENHAGE,

w.g. J. Kalf.

"Waarvan afschrift conform"

De Adjudant van Politie,

[handtekening]



Zoals boven het rapport vermeld, maakt dit document deel uit van een dossier dat via OCR is ingelezen en vervolgens in zijn geheel als een verzameling scans online is gepubliceerd door Stichting Argus. Ter verduidelijking: alle hierin opgenomen informatie – inclusief namen, geboortedata en adressen – was al openbaar beschikbaar.

Als dit rapport je nieuwsgierigheid heeft gewekt, kan ik je van harte aanbevelen het volledige dossier via Stichting Argus te bekijken. 

Mogelijk volgen hierover binnenkort nog meer blogartikelen. Zoals op de foto’s te zien is, heb ik het boekje inmiddels weten te bemachtigen, maar ik moet het na lezing nog wel even laten bezinken.


Bronnen tot nu toe: 
Wikipedia: Kamp Duindorp
Stichting Argus: vinketouw.pdf
Nederlandse Poëzie Encyclopedie: Jan van Rheenen


09 oktober 2019

Zandmotor

In de jaren zestig en zeventig gingen we veel naar het strand, het zogenaamde stille strand ter hoogte van Duindorp. Voor mijn gevoel heb ik hele zomers aan het strand doorgebracht. Een enkele keer maakten we ook een flinke wandeling, bijvoorbeeld naar Kijkduin of zelfs naar Ter Heijde (hoewel we dat zelf ‘naar Monster lopen’ noemden). Voorheen kon dat laatste in een rechte lijn, maar dat is tegenwoordig wel anders. Iets ten zuiden van Kijkduin ligt daar nu namelijk de zandmotor, een 'kunstmatige zandbank in de vorm van een schiereiland' zoals het op Wikipedia genoemd wordt. Even naar Ter Heijde lopen zit er nu niet meer in, je moet een specifieke route nemen anders loopt je jezelf klem.
Net als bijna alles aan de Hollandse kust levert de zandmotor fraaie plaatjes op.
Bij de zandmotor, zicht op de argusmast, Kijkduin. Foto april 2019 door Robert van der Kroft
Bij de zandmotor, Kijkduin. Foto april 2019 door Robert van der Kroft
Bij de zandmotor, Kijkduin. Foto april 2019 door Robert van der Kroft
Er zijn hier allerlei ontwikkelingen gaande natuurlijk, maar een van de dingen die mij opvielen, was dat het ‘harde’ zand ten noorden van de zandmotor helemaal niet hard is. Je kunt zo een eind wegzakken, wat best lastig is als je je schoenen hebt aangehouden. Hoe dit ten zuiden van de zandbank is heb ik nog niet kunnen bekijken.
Zacht hard zand bij de zandmotor, Kijkduin. Foto april 2019 door Robert van der Kroft
Het is lastig om mistroostig terug te kijken in de trant van “Vroeger kon je” als er zoiets fraais voor in de plaats is gekomen. Toch is ook hier de continuïteit weggenomen als gevolg van een grootschalig project en er zullen ongetwijfeld mensen zijn die er niet blij mee zijn. Waar vroeger “We kunnen wel zo lopen” gangbaar was, is het nieuwe normaal nu “Ik ben hier een paar jaar niet geweest dus het zal allemaal veranderd zijn.”

(Het krot dat geheugen heet)