Posts tonen met het label België. Alle posts tonen
Posts tonen met het label België. Alle posts tonen

30 augustus 2026

Album AL, inleiding

Herinneringsprentje voor de priesterwijding en Eerste Heilige Mis van Antoon Langkamp
We hebben een fotoalbum met religieuze zwart-witfoto’s uit de periode rond 1957. Uit een herinneringsprentje op een van de eerste pagina’s blijkt dat het hier gaat om foto's rond de priesterwijding en de Eerste Heilige Mis van Antoon Langkamp. Over deze persoon is relatief veel informatie te achterhalen en dankzij het herinneringsprentje is die informatie ook gemakkelijk te vinden.

Antoon Langkamp was lid van de Oblaten van de Onbevlekte Maagd Maria, afgekort als O.M.I.

Gijzegem (België) – 7 juli 1957: volgens het herinneringsprentje vond hier de priesterwijding van Antoon Langkamp plaats. Gijzegem, tegenwoordig deel van de Belgische gemeente Aalst, was een belangrijke plaats voor de Belgische tak van de Oblaten. Het is goed mogelijk dat de foto’s in het eerste deel van het album daar zijn gemaakt.

Haarle (Nederland) – 14 juli 1957: Haarle, in de gemeente Hellendoorn, was de geboorteplaats van Antoon Langkamp. Precies een week na zijn wijding in België droeg hij hier, volgens het herinneringsprentje, zijn Eerste Plechtige Heilige Mis op voor familie, vrienden en dorpsgenoten.

Priesterwijding
riesterwijding
Het album volgt deze route zeer gedetailleerd. Zo gedetailleerd zelfs dat het album, met ruim honderd foto’s, veel min of meer redundante afbeeldingen bevat. Zie als voorbeeld de pagina hieronder, met vier bijna identieke familiefoto's. Bij deze pagina was zelfs nog een losse vijfde, soortgelijke foto ingevoegd. Het lijkt dan ook zinniger om niet alle foto's te scannen en hier te plaatsen, maar om een aantal krenten uit de pap te halen.

In het album vinden we veel foto’s van familieleden van Antoon Langkamp, zoals zijn ouders, broers en zussen (onder wie een zus die als religieuze intrad en de naam zuster M. Margreta aannam), geestelijken rond de pasgewijde priester, inwoners van Haarle en beelden van de toenmalige kerk van Haarle, zowel binnen als buiten. In de komende dagen of weken wordt hier een selectie van foto’s uit dit album geplaatst.
Pagina uit een fotoalbum met vier bijna identieke groepsfoto’s
Voorkant van fotoalbum

26 maart 2026

Gehergroepeerd

Onbekende militairen
Groepsfoto met blanco achterzijde van negen vermoedelijk Belgische militairen uit de Eerste Wereldoorlog. De mannen dragen een combinatie van militaire uniformstukken en werkkleding, wat wijst op een situatie buiten de directe frontlinie, bijvoorbeeld in een achtergebied of tijdelijk kamp.

De combinatie van kleding en locatie zou kunnen wijzen op een Belgisch legerkamp in Noord-Frankrijk, mogelijk in de regio Calais–Duinkerke–Saint-Omer, in de periode 1914 of begin 1915.
Onbekende militairen, detail van de foto hierboven
Wanneer we de man linksachter nader bekijken, lijkt op zijn kraag een verticale rangschikking van een ‘X’ en een ‘5’ zichtbaar. De Belgische artillerie gebruikte gekruiste kanonnen (een X‑vorm) als symbool, vaak in combinatie met een regimentsnummer. Op basis hiervan zou deze man mogelijk tot het 5e Regiment Artillerie hebben behoord, al is dit op grond van de foto niet met zekerheid vast te stellen.

Na de val van Antwerpen (10 oktober 1914) trok het Belgische leger zich terug via onder meer Sint-Niklaas, Eeklo en Zelzate richting Frankrijk. Daar werden de troepen opgevangen en ondergebracht in verschillende kampen in Noord-Frankrijk. In de omgeving van onder meer Wormhout, Kassel en Steenvoorde verbleven Belgische eenheden in houten barakken, geïmproviseerde kampen en oefenterreinen voor hergroepering en hertraining.

De foto lijkt goed te passen binnen deze periode (laat 1914 – begin 1915). Belgische militairen droegen toen nog vaak de donkerblauwe uniformen model 1913, kepi’s en kraagspiegels met eenheidssymbolen en regimentsnummers. Deze elementen sluiten aan bij wat op de foto zichtbaar is, al blijft een exacte datering en lokalisering onzeker.

25 maart 2026

Communieportret

CdV van Hergel Phot. 22, Rue Neuve, Bruxelles
We zien een sepia(kleurig) studioportret van een jong meisje in een lange witte communiejurk met fijne borduursels en een sluier die over haar schouders valt. Ze staat naast een sierlijk houten tafeltje waarop een mandje bloemen en een paar handschoenen liggen. De achtergrond is eenvoudig en zacht belicht. Onder aan de kaart staat de naam van de fotograaf en het adres van de studio:

Hergel Phot. 22, Rue Neuve, Bruxelles

CdV van E. Hergel - 22, Rue Neuve, Bruxelles
Deze fotograaf heeft geen eigen lemma in FOMU, maar de naam wordt wel genoemd bij informatie over collega Auguste Depret, omdat hij op hetzelfde adres in Brussel gevestigd is geweest. Er is ook enige tijd een Atelier Cornelisse‑Hergel geweest, maar daar houdt de beschikbare informatie wel op. Dit lijkt typisch zo’n fotograaf die vooral bekend is via bewaard gebleven foto’s, en niet via officiële registers.


06 oktober 2025

Binche ? ou Louvain ?

Groepsfoto, uitgeknipt deel van grotere foto

Uitgeknipt deel van groepsfoto
We zien de rechterkant van een groepsfoto, die wat slordig is uitgeknipt. Ongeveer in het midden is een blauwe stip gezet boven een van de figuren. Op de achterkant van de foto staat de volgende tekst:

Papa, Adrien Leroy
étudiant. Binche ? ou
Louvain ?

De lezing van ‘Papa’ is enigszins twijfelachtig, maar met die interpretatie ontstaat wel de volgende, redelijk coherente vertaling:

Papa, Adrien Leroy
student. Binche? of
Leuven?

Er bestaan genealogische vermeldingen van personen met de naam Leroy in Binche, maar de beschikbare informatie is vooralsnog onvoldoende om verdere conclusies te trekken.
Tekst achterop foto: 'Papa, Adrien Leroy / étudiant. Binche ? ou / Louvain ?'
Detail van uitgeknipt deel van grotere foto

04 oktober 2025

Photographie Belge, Verviers

Twee cartes de visite van de hand van Photographie Belge, Verviers, Crapaurue 57
Portretten van twee onbekende dames
We zien twee cartes de visite met portretten van vrouwen in driekwartfiguur, beide leunend op een witte stoel. De vrouw op foto 1 draagt een lange, hooggesloten jurk in stemmig zwart, gecombineerd met een subtiele, dunne ketting. De achtergrond is donker. De vrouw op foto 2 is gekleed in typische zomer­kleding: een lichte, wijde matrozen­blouse met sjaaltje en een donkere rok, eveneens met een dunne ketting. Hier vormt een geschilderd landschap met horizon de achtergrond. Opvallend is dat op beide foto’s dezelfde stoel lijkt te zijn gebruikt.

Onder beide foto’s staat links een wapenschildje en rechts de tekst Photographie Belge, Verviers, Crapaurue 57. Hoewel de tekst identiek is, verschillen vormgeving en lettertype.

Op de achterzijde zien we dezelfde gegevens, aangevuld met de regels “Spécialités d'agrandissements” en “Les clichés sont conservés”.
Twee achterkanten van CdV's met adresgegevens van Photographie Belge, Verviers, Crapaurue 57
De twee achterzijden vertonen een verwante typografische opbouw, maar verschillen in enkele grafische details. Zo is de drukinkt bij foto 1 donkerblauw en bij foto 2 donkerbruin. De omlijning rond de tekst heeft bij foto 1 rechte hoeken, terwijl die bij foto 2 afgerond zijn. Ook de decoratieve vierkantjes verschillen in vorm. Een vermelding van de lithograaf ontbreekt op beide exemplaren.

Volgens de site FOMU (Directory of Belgian Photographers) was Atelier Photographie Belge op dit adres actief tussen 1900 en 1907. Daarmee kunnen deze foto’s vrij nauwkeurig worden gedateerd. Volgens dezelfde bron was de man achter het atelier Henri Jassin.


02 oktober 2025

L. De Laetre, Gent

Portret van onbekende vrouw, CdV van de hand van L. De Laetre
Portret van een onbekende vrouw
Op dit portret ten voeten uit zien we een staande vrouw met donker, deels opgestoken haar. Ze draagt een donkere lange jurk met een witte hals en witte manchetten. Haar linkerarm rust ogenschijnlijk nonchalant op een houten stoel. Achter de stoel staat een dressoir met enkele planten. De wand daarachter is kaal. Op de vloer ligt een tapijt met een repetitief patroon. Opvallend aan deze CdV is dat de boven- en onderkant van de foto met de hand zijn afgeknipt, en niet al te netjes.

Gelukkig hebben we de achterkant nog. Daarop staan de gegevens van de fotograaf:

L. De Laetre
Photographe
Breveté pour groupes
Rue Digue de Brabant No. 15
GAND

Achterkant van een CdV met gegevens van fotograaf L. De Laetre uit Gent

Bij het zoeken naar deze gegevens hebben we geluk: in Gandavum² (online tijdschrift over Gentse stadsgeschiedenis) verscheen in 2017 een uitgebreid artikel over deze fotograaf: Louis De Laetre (1815‑1897), de Gentse 'douanier Rousseau'.

Daar lezen we dat Louis De Laetre (soms ook gespeld als Delaetre, De Lattre of Delattre) niet alleen fotograaf was, maar ook bankier, huisschilder, kunstschilder en zelfs ‘vliegende man’. Een goed geschreven en rijk geïllustreerd artikel: absoluut een aanrader.

10 augustus 2025

Album WW, pagina 4, foto 1

Portret van een onbekende naam
Portret van een onbekende man
De onderkant van de carte de visite is afgesneden of ‑geknipt. Rechtsonder is nog net de stadsnaam 'Liège' te lezen.

Op de achterkant van de CdV staat:
Adolphe Erkelenz
Liège
49bis Boulevard
de la Sauvenière

Ons conserve les clichés

Ook deze achterkant is beschreven met het handschrift dat inmiddels bekend is, maar nog lang niet volledig ontcijferd.

Het eerste deel lijkt een naam en geboortedatum te bevatten: Joseph Mais, geboren 7 maart 1857. Daarna staat er waarschijnlijk de geboorteplaats of woonplaats.
Het middendeel lijkt te vermelden dat hij de “Sohn von *** Mais und Gertrud Mohr” is, maar dat is allemaal nog lang niet zeker.

Ax=chterkant van een carte de visite, met de gegevens van fotograaf Adolphe Erkelenz
uit Luik met daar overheen handgeschreven tekst

03 mei 2019

Het martelaarken

Zij voederden een geslagen uur aan een klein telloorken. Henriken kreeg het al op zijn zenuwkens als hij de pap maar zag, werd met den dag bleeker, en met den nacht sliep hij slechter. De stoelgang werd wit en hard als oude stopverf, elken avond moesten ze hem sneekens sunlightzeep opsteken. Ja, met geweld, hun hart bloedde. Het kind lag op zijn buiksken op Mans’ weidschen schoot, Dolfken trok de billekens open en neep smartelijk zijn oogen toe, terwijl Mans het kogeltje zeep in het darmke duwde. Dan neep Dolfken de billekens toe, trok zijn oogen open en zong volhardend tegen het harteloos kelen van het kind op, tot de sunlight overwon. Dan werd het martelaarken op zijn potje gezet. Zij zaten er geknield bij, moedigden aan tot duwen en lachten zegepralend om elk deeltje buit. Eindelijk stonden zij recht met het potje en beschouwden lang met diepe voldoening de giften waarvan zij het kind hadden bevrijd.
We kunnen rustig stellen dat er zo niet meer geschreven wordt. Misschien is er zelfs bijna nooit zo geschreven als in Het kind (1939) van Gerard Walschap, niet alleen voor wat betreft het taalgebruik maar zeker ook als het gaat om het onderwerp en de manier waarop e.e.a. beschreven wordt.

In mijn exemplaar, voor € 1,50 gescoord bij een kringloopwinkel in Scheveningen, staat voorin met pen Verboden lectuur geschreven. De boeken van Walschap stonden dan ook op de index. Onweerstaanbaar dus.

Gerard Walschap, Het kind
Onze Tijd
Uitgeverij A. Manteau N.V. Brussel
Nijgh & Van Ditmar N.V. Rotterdam
(zonder jaartal)


14 juni 2018

Vroeger is een ander land

“Ha! De ambulantie-wagen! ... Op het einde van de straat”
Paneel uit het album 4 avonturen van Robbedoes en Kwabbernoot, Franquin/Dupuis, oorspronkelijk uitgegeven in 1966 (Franse versie in 1950).
Als je googelt op ambulantie-wagen zie je dat het woord voorheen redelijk gangbaar was. Je ziet het vooral in oudere Vlaamse kranten.

Vroeger is een ander land

Paneel uit Robbedoes-album
“Krijgen ze een vermindering met hun kaart van talrijke huisgezinnen?”
Tekening uit het album 4 avonturen van Robbedoes en Kwabbernoot, Franquin/Dupuis, oorspronkelijk uitgegeven in 1966 (Franse versie in 1950).
Gezinsbond (1921-heden):
“Op 8 mei 1921 werd onder de naam Bond der Talrijke Huisgezinnen een sociale vereniging opgericht ter verdediging van het gezin. Bij de stichting waren betrokken: pater Valère Fallon, generaal Lemercier en senator V. Volckaert. Fallon, hoogleraar in de sociale wetenschappen aan de universiteit van Leuven, bestudeerde het vraagstuk van de grote gezinnen sinds lang en achtte de tijd rijp voor een familiale politiek. Generaal Lemercier liep reeds in 1920 met de gedachte rond een bond voor grote gezinnen op te richten naar Frans model en betrok er de socialistische senator Volckaert bij "om te voorkomen dat het werk een eenzijdige stempel zou krijgen" (De Donder 1990-1379). Hoewel de oprichters Franstaligen waren, trokken ze toch meteen Vlaamse kaart, onder meer door de uitgave van hun Nederlandstalig ledenblad: 'Driemaandelijksch Blad van den Belgischen Bond der Talrijke Huisgezinnen'. Minister van staat Michel Levie werd de eerste voorzitter en Frans Van Cauwelaert werd ondervoorzitter (De Maesschalck 1998-1378). In 1927 wijzigde de Bond zijn naam in de Bond der Kroostrijke Gezinnen.”



07 december 2017

Herderlijke brief van zijne eminentie Kardinaal Mercier, 1915

Herderlijke brief van zijne eminentie Kardinaal Mercier, Aartsbisschop van Mechelen
Vaderlandsliefde en standvastige lijdzaamheid
Vermeerderd met het protest over zijn gevangenneming

Volledige versie (pdf), 48 pagina’s, 12,1 MB.

10 oktober 2017

Pourquoi Pas ?

Front page of the journal Pourquoi Pas ?, 15 July 1960.
NAB, Papers Ernest Glinne, box 5.

Via: Archives I Presume? > Belgium 75 years in Central Africa > The failing model colony
Traces of a colonial past in the State Archives

04 oktober 2017

De zwarte kost

“Het sloeg juist elf, die zondagmorgen, en in de enkele straat van het dorpje was alles stil en vreedzaam, toen, in een plotselinge opschudding, van huis tot huis de deuren openvlogen, en de bewoners met uitroepingen van verbazing op hun dorpels kwamen.
    Er moest voorwaar geen gewichtige gebeurtenis in het rustig Akspoele plaatsgrijpen, om er terstond de lieden op de straat te lokken: de enkele voorbijtocht van een ongewoon rijtuig of de verschijning van een onbekende waren daartoe ruim voldoende. Doch ditmaal gold het iets zó buitengewoon ontzettends, dat het er terstond als een klein oproer werd.
    Dáár, aan het uiteinde van de straat, komend in het dorp langs de weg van het station Bavel, naderde met rasse tred, vergezeld van een joelende bende knapen en meisjes, een groep van drie personen.
    Hij, die in het midden liep, werd dadelijk herkend. Het was Massijn, Fortuné Massijn, de klerk van notaris Potvlieghe. Maar of de twee anderen mensen of dieren waren, dat konden de stomverbaasde dorpelingen nog niet bevestigen.
    Zij hadden de gestalte en de lichaamsvormen van twee magere, te vroeg opgeschoten vijftienjarige knapen. Beiden droegen een zwartfluwelen pak, met korte broek en koperen knopen op het wambuis; beiden hadden lange rode kousen aan, en op het hoofd een zonderlinge rode pet, met zwarte, schuins afhangende kwast. Doch wat volstrekt op niets menselijks meer leek was hun gezicht: een glimmend-zwarte, monsterlelijke tronie met vervaarlijke ogen en vingerdikke lippen; en hun handen: afschuwelijke handen, zwart, lang en mager gelijk beestenklauwen. Een soort van zwarte, dicht-kroezende wol bedekte hun slapen; en door hun oorlellen staken overgrote koperen ringen, woest schitterend in de ochtend-zonneglans.”

Zo begint De zwarte kost van Cyriel Buysse. Laten we in deze tijd van zwartepietendiscussies, lange tenen en korte lonten wel even vooropstellen dat de tekst satirisch bedoeld is. In de studie In black and white: a bird's eye overview of flemish prose on the Congo lezen we:

“In De zwarte kost the whites are the targets of Buysse's fierce criticism, some because of their narrow-mindedness, hypocrisy, short-sightedness, bigotry and ignorance, others because of their naivety and megalomania. Western civilization is not worth its name. The whites are the real barbarians; they can offer the Congo nothing but misery and hardship. Buysse denounces the colonial propaganda, which plays on the exotic appeal of the Congo, the prospect of a life of adventure and the ideal of bringing Western civilization to a backward continent. The motives of the colonizers are unmasked: they are driven by self-glorification or base instincts and not at all by humanitarian concerns.”

En in de lezenswaardige tekst Mededelingen van het Cyriel Buysse Genootschap 24 (De dierlijke beschaving - Hoe een Afrikabeeld het Westen typeert in De zwarte kost van Cyriel Buysse door Sofie Couwenbergh) lezen we het volgende.

“Zij lijken ‘op niets menselijks meer’, en hun handen zijn ‘gelijk beestenklauwen’. Zo worden Badoe en Soera, twee Congolese prinsen die op bezoek zijn in België, beschreven in De zwarte kost. Deze typeringen komen voor op de eerste bladzijde van het verhaal, dat in 1898 bij Van Holkema & Warendorf verscheen, en sluiten onmiskenbaar aan bij een wijd verbreid stereotype over de niet-westerse mens.”

Moeder Augusta Beaucarne en dochter Madeleine Buysse poseren met twee zwarte jongens, Prosper en Michel, op een van de vele wereldtentoonstellingen uit die tijd. (bron)

Na het innemen van al deze voorinformatie is het de hoogste tijd om massaal De zwarte kost te gaan lezen. Het boek is nog geen zeventig pagina’s dik en op verschillende plekken gratis te vinden, onder andere als gratis download via Amazon en in iBooks. In de versie van deze twee aanbieders is de voornaam van de schrijver ineens Cyriël geworden (als je gaat zoeken, zie je deze spelling overigens vaker, vooral op Engelstalige sites), maar dat mag de pret niet drukken.
Cyriel Buysse op Wikipedia
Cyriel Buysse Genootschap
Liberaal Archief - Iconografie Cyriel Buysse
Alles over Cyriel Buysse (Knack)

14 april 2014

Photographie Belge

Photographie Belge
Verviers
57, Crapaurue 57.
Specialités d'agrandissements.
Les clichés sont conservés.

02 augustus 2012

Zelfs Bobonne was komen kijken

Zelfs Bobonne was komen kijken
om haar kennis te verrijken.
«Mon dieu» zei ze. «tant de V.N.V.!»
«Quést ce que ça veut dire : Houzee!?»


(Reimond Tollenaere-mars, Brussel, 12 juli 1942; tekening Kaproen/Willy Vandersteen, tekst Ulenspiegel/Bert Peleman)


03 december 2011

Barras

V. Barras, Rue du Pot d'Or 45V. Barras - photographie artistique - Rue du Pot d'Or 45 près le Boulevard de la Sauvenière, Liège

Barras was van 1871 - 1875 actief op het adres Passage Lemonnier 10 (bron), maar deze Carte de visite heeft een ander adres. Verder speuren als er weer tijd en gelegenheid is.